top of page
Herziening van de wetten

Huishoudelijk Reglement

Z&PC de Houtrib – April 2026

Artikel 1. ALGEMENE BEPALINGEN

  1. De vereniging genaamd Zwem- en Poloclub “De Houtrib”, hierna te noemen "de vereni­ging" is bij notariële akte opgericht op 16 juni 1971 en is gevestigd te Lelystad.

  2. Het huishoudelijk reglement is van toepassing in onverbre­kelijke samen­hang met de statuten van de vereniging, zoals deze (laatstelijk zijn gewij­zigd en geheel opnieuw) zijn vastgesteld bij notariële akte op X XXX 2026.

  3. De vereniging bezit volledige rechtsbevoegdheid.

  4. De vereniging is ingeschreven in het verenigingsregister dat gehouden wordt bij de Kamer van Koophandel te Lelystad onder nummer 40060089.

  5. De vereniging is aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Zwembond.

​

Artikel 2. CLUBLOGO EN KLEUREN

  1. De kleuren van de vereniging bestaan uit de kleuren rood, wit en zwart.

  2. Het logo van de club bestaat uit een vierkante ruit in de kleur zwart. In de ruit wordt een zwemmer weergegeven in water in de kleur rood (Pantone 200 C). Het hoofd van de zwemmer is een zwarte punt. Op de linker bovenzijde van de ruit wordt de tekst “ZWEM EN” weergegeven. Op de rechter bovenzijde wordt de tekst “POLOCLUB” weergegeven. Op de linker onderzijde van de ruit wordt de tekst “DE HOUTRIB” weergegeven. Op de rechter onderzijde van de ruit wordt de tekst “LELYSTAD” weergegeven. De tekst wordt in de kleur zwart geschreven. Het logo is in de bijlage van het reglement opgenomen.

 

Artikel 3. LEDEN

  1. Conform artikel 3, lid 4 en artikel 4 van de statuten bestaat de vereniging uit:

    • a) ereleden;

    • b) leden van verdienste;

    • c) seniorleden;

    • d) juniorleden; 

    • e) ondersteunende leden.

​

Artikel 4. CONTRIBUTIE.

  1. De contributie dient per maand of per jaar te worden voldaan.  De betaling van de contributie geschied per automatische incasso, tenzij anders afgesproken.

  2. De contri­butie wordt ieder jaar vastge­steld op de algemene ledenvergadering, conform artikel 7 lid 1 van de statuten.

  3. Bij beëindiging van het lidmaatschap kan, onder verwijzing naar artikel 9 lid 1 onderdeel f van de statuten, in de navolgende situaties door het bestuur vrijstelling verleend worden voor het betalen van de contributie voor het nog resterende deel van het kalenderjaar: 

    • a) Bij verhuizing naar een andere woonplaats. 

    • b) Om medische redenen. 

    • c) Indien de vereniging niet de faciliteiten kan aanbieden die redelijkerwijs verwacht mogen worden. 

    • d) Eén volle kalendermaand na de datum van opzegging, de kalendermaand waarin de opzegging valt niet meegerekend. In deze periode kan gebruik worden gemaakt van de verenigingsfaciliteiten. Indien de opzegging plaatsvindt na 30 november kan er geen gebruik worden gemaakt van wedstrijdfaciliteiten in het volgende kalenderjaar. 

  4. De penningmeester beslist over individuele afwijkingen van artikel 4 indien het te betalen contributiebedrag gelijk blijft. Over alle overige individuele afwijkingen beslist het bestuur. 

​

Artikel 5. HET LIDMAATSCHAP

  1. Kandidaat-leden mogen voor een periode van 2 weken meetrainen zonder contributie verschuldigd te zijn. Wanneer het kandidaat-lid aangeeft lid te willen worden dient hij zich bij de vereniging aan te melden.

  2. De aanmelding geschiedt door invulling, dagtekening en onder­tekening van een inschrijvingsformulier, zoals opgenomen op de officiële website van de vereniging. Voor jeugdleden dient het formu­lier mede ondertekend te worden door de wettelijk vertegen­woordiger. Het bestuur kan vorderen dat de in het formulier ver­strekte gegevens door deugde­lij­ke bewijzen worden ge­staafd.

  3. Het bestuur draagt er zorg voor dat degenen die als lid tot de vereniging wensen te worden toegelaten, worden aangemeld bij de KNZB.

​

Artikel 6. RECHTEN EN PLICHTEN VAN LEDEN

Buiten de verplichtingen, geregeld in artikel 24 van de statuten, hebben alle leden de hierna te noemen rechten en plichten.

  1. Bij toetreding als lid hebben zij het recht een exemplaar van de statuten en het huishoudelijk reglement te ontvangen.

  2. Zij hebben het recht van vrije toegang tot wedstrijden en bijeenkomsten, voor zover door het bestuur niet anders is bepaald.

  3. Zij hebben het recht om voorstellen, klachten en wensen bij het bestuur in te dienen. Het bestuur is gehouden deze zo spoedig mogelijk te behan­delen of te onder­zoe­ken c.q. te doen behandelen of te doen onderzoe­ken en over het resultaat van de behandeling en/of het onder­zoek bericht te geven aan het lid dat het voor­stel, de klacht of de wens heeft ingediend.

  4. Zij hebben de plicht het be­stuur in kennis te stellen van enige verandering van hun contactgegevens.

  5. Zij hebben de plicht tot tijdige betaling van de contribu­tie.

​

Artikel 7. TUCHTRECHT EN STRAFFEN

  1. In het algemeen zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten, dat in strijd is met de wet, dan wel de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de vereniging, of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.

  2. Straffen opgelegd door de tuchtcommissie van de KNZB, dienen door de leden zelf te worden betaald.

  3. De algemene vergadering benoemt uit haar senior­leden 3 leden van de tuchtcommissie.

  4. De tuchtcommissie is het bevoegde orgaan binnen de vereniging tot het uitoefe­nen in eerste instantie van de tuchtrechtspraak, te weten, het oordelen over overtredingen door leden van bepalingen van de statuten en reglementen waarop tuchtrechtelijke sancties gesteld zijn, en het opleggen van die sancties.

  5. De tuchtcommissie is uitsluitend bevoegd tot het uitspreken van een schorsing voor een periode van ten hoogste 3 maanden.

  6. De tuchtcommissie is bevoegd te bepalen dat één of meerder op te leggen tuchtrechtelijke straffen geheel of gedeeltelijk niet ten uitvoer zal worden gelegd mits aan bij de strafop­legging te bepalen voorwaarden wordt voldaan gedurende een bepaalde termijn van ten hoogste een jaar.

  7. De in artikel 7, lid 5 genoemde straffen kunnen worden opgelegd ter zake van: 

    • a) het schaden van belangen van vereniging, haar aangeslo­ten organen of de zwemsport;  

    • b) bedrieglijke handelingen inzake het doen uitkomen van zwemmers of spelers;  

    • c) het verstrekken van valse opgaven en inlichtingen;  

    • d) wangedrag. Onder wangedrag wordt onder meer verstaan, het opzettelijk of door grove schuld toebrengen van lichamelijk letsel, het zonder gegronde reden weigeren of onthouden van medewerking aan de bevoegde organen van de vereniging of enige persoon bij de vervulling van een officiële functie binnen verenigingsband, daadwerkelijk of lijdelijk verzet tegen die personen of organen, alsmede het door woord, daad of ge­schrift ondermij­nen van hun gezag, ongeacht de bevoegdheid om in gepaste bewoordingen op objectieve gronden via daartoe geëigende kanalen kritiek uit te oefenen.

  8. De tuchtcommissie is, naast het genoemde in artikel 7 lid 7, bevoegd om, naast een straf welke aan een speler, grensrechter, begelei­der, verzor­ger of ander lid wordt gegeven en door de tuchtcommis­sie van de KNZB wordt afge­daan, een bijkomende straf vanuit de vereniging op te leggen.

  9. De procedure bij tuchtrechtspraak is als volgt:

    • a) Een tuchtzaak wordt tegen een lid aanhangig gemaakt hetzij ambtshalve door de tuchtcommissie zelf, hetzij op aanklacht van een der organen van de vereniging. 

    • b) De tuchtcommissie kan op gronden van het algemeen vereni­gingsbelang ontleend, de verdere behandeling achterwege laten. 

    • c) De klagende instantie wordt van de in lid b genoemde beslis­sing in kennis gesteld. 

    • d) Indien de tuchtcommissie niet besluit tot het seponeren van de zaak stelt zij de aangeklaagde personen benevens diens ouders/voogd ingeval de aangeklaagde minderjarig is, schriftelijk (inclusief digitaal) in kennis van de tegen hem ingediende klacht. 

    • e) De tuchtcommissie behandelt zaken ten alle tijden mondeling door oproe­ping van de aangeklaagde persoon uiterlijk 4 dagen voor de behandeling van de zaak. 

    • f) De aangeklaagde persoon mag het gehele onderzoek bijwonen. 

    • g) De voorzitter deelt aan het begin van de behandeling aan de aangeklaagde persoon de inhoud van de klacht mee. Hierna wordt de gelegenheid gegeven tot verweer. 

    • h) De voorzitter deelt eventuele getuigen mee dat zij verplicht zijn de waarheid te spreken, op straffe van tuchtrechtelijke vervolging. 

    • i) De aangeklaagde persoon heeft het recht door de voorzitter bepaalde vragen aan de getuige(n) te laten stellen. 

    • j) In geval een behoorlijk opgeroepen aangeklaagde persoon op plaats, dag en uur door de tuchtcommissie voor de behandeling verstek laat gaan, is de tuchtcommissie bevoegd op grond van de bekende feiten en bescheiden uitspraak te doen, zonder dat hiertegen verzet mogelijk is. 

    • k) Binnen 72 uur na beëindiging van de mondelinge behandeling van een zaak, zal de tuchtcommissie schriftelijk en gemoti­veerd haar beslissing geven. 

    • l) De tuchtcommissie zendt binnen 7 dagen na het nemen van haar beslissing deze schriftelijk aan de aangeklaagde persoon, of aan de ouders/voogd indien de aangeklaagde persoon minderjarig is. 

    • m) De tenuitvoerlegging van de tuchtrechtelijke straf(fen) vindt plaats met ingang van de in lid l genoemde verstreken termijn. 

    • n) Indien een of meer nieuwe feiten of omstandigheden ter zake van een tuchtzaak zich openbaren nadat een eindbeslissing is genomen, die als zij tijdens de behandeling der zaak bekend zouden zijn geweest geleid zouden hebben tot een andere uitspraak kan de tuchtcommissie de zaak herzien. De gang der herzieningsprocedure wordt door de commissie van geval tot geval vastgelegd.

​​

Artikel 8. BEROEP

  1. Nadat de tuchtcommissie een uitspraak heeft gedaan in een zaak, bestaat er voor degene aan wie een tuchtrechtelijke straf is opgelegd de moge­lijkheid tot het aantekenen van beroep.

  2. Een dergelijk beroep dient schriftelijk inge­diend te worden bij de commissie van beroep, binnen 72 uur, nadat de betrokkene de beslissing van de tuchtcommissie schriftelijk heeft ontvangen.

  3. De commissie van beroep wordt gevormd door 3 seniorleden te benoemen door de algemene vergadering, van wie uit hoofde van hun maatschappelijke functie verwacht mag worden dat zij een zekere deskundigheid bezitten voor het beoordelen van begane overtredingen, niet zijnde be­stuursle­den of door het bestuur benoemde commissieleden van de vereniging.

  4. De commissie van beroep is gehouden aan het hiervoor genoemde artikel 7, sub 5, 6, 7, 8, 9 lid e t/m n.

  5. Hangende de zaak is de commissie van beroep gerechtigd de door de tuchtcommissie uitgesproken straf op te schorten.

  6. De commissie van beroep dient de beschikking te krijgen over alle verslagen en bewijsstukken die samenhangend met de afdoening van de zaak door de tuchtcommis­sie ter tafel komen.

  7. De commissie zendt een afschrift van het in artikel 7, sub 9, lid l genoemde schrijven, gelijktijdig en eveneens schriftelijk aan de tuchtcommissie.

​

Artikel 9. BESTUUR​

  1. De samenstelling van het bestuur is overeenkomstig het gestelde in artikel 10, lid 1 van de statuten, eventueel aangevuld met vertegenwoordiging vanuit de afdelingen. De leden van het bestuur dienen allen meerderjarig te zijn. 

  2. Onder het bestuur valt, onverminderd het bepaalde dienaangaande in de statuten, elders in het huishoudelijk regle­ment of in andere reglementen: 

    • a) de algemene leiding van zaken; 

    • b) de uitvoering van de door de algemene vergade­ring genomen beslui­ten; 

    • c) het toezicht op de naleving van de statuten en regle­men­ten; 

    • d) benoeming, ontslag en schorsing van personen die in betaald dienstverband werkzaam zijn binnen de vereniging.

  3. Het bestuur heeft de verantwoording om de direct onder het bestuur vallende, vereniging brede werkzaamheden en de daarbij geldende uitgangspunten, regels en afspraken vast te leggen in werkprocedures en/of draaiboeken ten einde:

    • a) een consistente en objectieve uitvoering van activiteiten te waarborgen; 

    • b) het overnemen van taken door nieuwe bestuursleden te vereenvoudigen.

  4.  Het bestuur vergadert ten minste éénmaal per kwartaal volgens een vooraf vastge­steld rooster. Daarenbo­ven verga­dert het be­stuur zo dikwijls als de voorzitter of de secretaris of tenmin­ste 3 leden van het be­stuur zulks wensen. 

  5. 5. Een oproep voor een vergadering inclusief de agenda en de bijbehorende stukken dient minimaal 48 uur voor aanvang van de vergadering in het bezit van de be­stuursle­den te zijn, terwijl een verga­dering op verzoek van be­stuursleden binnen maximaal één maand dient te worden belegd. 

  6. Een bestuursvergadering is tot besluiten bevoegd als de meerderheid van de be­stuursleden aanwezig is. Over perso­nen wordt schriftelijk gestemd, terwijl over zaken monde­ling gestemd kan worden. Besluiten worden bij meerder­heid van geldige stemmen genomen. 

  7. Indien bij een stemming over zaken de stemmen staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Heeft bij een stemming over personen bij de eerste stemming niemand de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen verkre­gen, dan vindt een herstemming plaats over de personen, die de meeste of zo nodig op één na de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Bij herstemming beslist het grootste stemmenaantal. 

​

Artikel 10. BESTUURSVERKIEZING

  1. Ieder bestuurslid wordt in principe benoemd voor een periode van  2 jaar. Onder verwijzing naar artikel 10 lid 4 van de statuten. 

  2. De namen van aftredende bestuursleden, alsmede van de door het bestuur gestelde kandidaten dienen gepubliceerd te worden in de agenda van de jaar­lijkse vergadering waarin de bestuursverkiezing aan de orde is. In deze agenda dient tevens de mogelijkheid tot kandidaat­stel­ling door stemge­rechtigde leden van de vereniging geopend te worden, met vermel­ding van de daaraan verbonden procedu­re.

  3. Een kandidaatstelling door stemgerechtigde leden dient schriftelijk bij de secretaris aangemeld te worden, bevestiging door tenminste drie stemgerech­tigde leden en de desbetreffende kandidaat, eventu­eel onder vermelding van de functie die degene in het bestuur ambieert.

​​

Artikel 11. DE FINANCIËLE COMMISSIE

  1. Conform artikel 14 lid 4 van de statuten worden door de alge­mene ledenverga­de­ring de leden van de financiële commissie be­noemd. 

  2. De financiële commissie houdt toezicht op het beheer van de penningmeester. 

  3. Bij welbevinden zal de financiële commissie een voorstel tot het verlenen van decharge aan het bestuur doen aan de algemene vergade­ring. 

  4. De financiële commissie is bevoegd aan het bestuur voorstellen betreffende het financiële beheer te doen. 

 

Artikel 12. VASTE COMMISSIES 

  1. De vereniging kent de volgende door het bestuur te benoemen vaste commissies: 

    • a) vaste commissie afdeling trimzwemmen;  

    • b) vaste commissie afdeling synchroonzwemmen; 

    • c) vaste commissie afdeling waterpolo. 

  2. Een vaste commissie bestaat tenminste uit één vertegenwoordiger van de afdeling. De vertegenwoordiger dient meerderjarig te zijn. Idealiter bestaat een commissie uit minimaal 3 personen.

  3. De benoeming van de 1e vertegenwoordiger van een vaste commissie geschiedt door het bestuur. 

  4. De benoeming van de overige leden van een vaste commissie geschiedt door de 1e vertegenwoordiger van de betreffende vaste commissie. Het bestuur wordt hierin te alle tijde gekend en het bestuur heeft de bevoegdheid een benoeming tot lid van een vaste commissie ongedaan te maken. 

  5. Een vaste commissie neemt deel, of laat zich vertegenwoordigen tijdens de bestuursvergadering.

  6. Een vaste commissie is verantwoording schuldig aan het bestuur.  

​

Artikel 13. TAKEN EN BEVOEGDHEDEN VASTE COMMISSIES

  1. 1. De vaste commissies zoals genoemd in artikel 13 zijn namens het bestuur gedelegeerd eindverantwoordelijk voor de dagelijkse besturing, conform de kaders en aanwezige vereniging breed geldende werkprocedures zoals die door het bestuur zijn vastgelegd, van het volgende taakgebied:

    • a) De vaste commissie afdeling trimzwemmen is belast het bevorderen van zwemmen voor de eigen doelgroep.

    • b) De vaste commissie afdeling synchroonzwemmen is belast met de organisatie en administratie van het synchroonzwemmen, teneinde de leden van de vereniging in staat te stellen deel te nemen aan (door de KNZB georganiseerde) synchroonzwemwedstrijden.

    • c) De vaste commissie afdeling waterpolo is belast met de organisatie en administratie van het waterpolo, teneinde de leden van de vereniging in staat te stellen deel te nemen aan (door de KNZB georganiseerde) waterpolowedstrijden.

  2. Iedere vaste commissie is verantwoordelijk voor de werving, selectie en het aannemen van trainers, officials, begeleiders en alle andere betrokken functionarissen benodigd voor het goed functioneren van de afdeling.

  3. Iedere functionaris werkzaam binnen een vaste commissie is verantwoording schuldig aan de vaste commissie die de desbetreffende functionaris heeft aangenomen. 

  4. Elke vaste commissie rapporteert tenminste één keer per kalenderjaar schriftelijk over de voortgang van zijn werkzaamheden aan het bestuur en de Algemene Ledenvergadering. 

  5. Een vaste commissie vergadert zo dikwijls de voorzitter of tenminste twee leden van de vaste commissie dit wenselijk achten. Besluiten vanuit de vaste commissievergadering worden genotuleerd en ter kennisgeving ook verstuurd aan het bestuur. 

  6. Vaste commissies zijn bevoegd om, aanvullend op dit huishoudelijk reglement, aanvullende afdelingsspecifieke regels en afspraken te maken mits niet in strijd met de statuten, het huishoudelijk reglement of besluiten van het bestuur, of de KNZB-reglementen. Aanvullende regels en afspraken worden genotuleerd en ter kennisgeving ook verstuurd aan het bestuur.

  7. Iedere vaste commissie heeft de verantwoording om de eigen werkzaamheden en afdelingsprocedures alsmede de daarbij geldende uitgangspunten, regels en afspraken vast te leggen in een afdelingshandboek en draaiboeken teneinde: 

    • a) een consistente en objectieve uitvoering van activiteiten te waarborgen; 

    • b) het overnemen van taken door nieuwe vaste commissieleden te vereenvoudigen. 

  8. Iedere vaste commissie dient conform de “Begrotingsprocedure” jaarlijks een begroting in te dienen voor het komende jaar. Zij geven een overzicht van de door hen vast te stellen activiteiten met vermelding van baten en lasten. De begroting eenmaal vastgesteld door het bestuur van de vereniging en later als zodanig geaccepteerd door de Algemene  Ledenvergadering, is bindend voor de vaste commissie.

 

Artikel 14. ONKOSTENDECLARATIES 

  1. Onkostendeclaraties van een afdeling komen onder voorwaarden voor vergoeding in aanmerking. De onkostendeclaratie dient aan de volgende voorwaarden te voldoen:

    • a) onkosten kunnen alleen gedeclareerd worden indien de betreffende afdeling vooraf toestemming heeft verleend voor de uitgave. De betreffende afdeling is daarbij verantwoordelijk dat door de onkostendeclaratie de totale afdelingsbegroting niet wordt overschreden;

    • b) de declaratie is voorzien van een digitale aankoop bon en betalingsbewijs. In geval van reiskostenvergoeding is het aantal te vergoeden kilometers het aantal zoals berekend door de routeplanner (kortste route); 

    • c) de declaratie wordt per email verzonden aan de penningmeester en in kopie aan de betreffende commissie;

    • d) de declaratie dient binnen twee maanden na de betalingsverplichting aan de penningmeester aangeboden te worden tijdens het lopende kalenderjaar en binnen drie weken na het beëindigen van het kalenderjaar.

  2. Als aan één van de voorwaarden niet voldaan wordt, hoeft de penningmeester niet overgaan tot uitbetaling van de declaratie. 

  3. De declarant heeft na afwijzing van de declaratie door de penningmeester, het recht de voorzitter te verzoeken de declaratie alsnog betaalbaar te stellen. 

​​​

15. CURSUSSEN EN OPLEIDINGEN

  1.  Commissies kunnen een voorstel voor een opleidingsplan binnen de afdeling aandragen bij het bestuur. 

  2. De kosten van opleidingen en cursussen kunnen worden gedeclareerd wanneer de opleiding of cursus past binnen het opleidings- en kaderplan van de afdeling en binnen de afdelingsbegroting. Het volgen van een opleiding of cursus door een lid dient altijd vooraf door de betreffende commissie te worden goedgekeurd en dient voorgelegd te worden aan het bestuur voor goedkeuring. 

  3. Wanneer de kosten van de opleiding of cursus worden vergoed, worden de voorwaarden waaronder de vergoeding plaatsvindt in een schriftelijke overeenkomst tussen de cursist en vereniging vastgelegd. De vereniging wordt in dezen vertegenwoordigd door de voorzitter en penningmeester van het Bestuur van de vereniging. De overeenkomst is als bijlage bij het huishoudelijk reglement bijgevoegd.

  4. Vergoeding van variabele kosten gemaakt ten behoeve van de cursus of opleiding, zoals reis- en verblijfkosten, zijn ter beoordeling van de penningmeester van de vereniging.

​

16. WEDSTRIJDEN

  1. De commissies hebben de bevoegdheid om namens de vereniging wedstrijden uit te schrijven en de leden van de vereniging te doen inschrijven als deelnemer aan door andere personen georganiseerde wedstrijden waarvan door de KNZB toestemming is verleend.

  2. Deelnemers aan wedstrijden, toernooien, evenementen, etc. zullen op een door de betreffende commissie vastgestelde wijze van hun deelname geïnformeerd worden.

  3. Bij verhindering is de deelnemer verplicht om zich onder opgaaf van reden af te melden bij de daarvoor bekend gemaakte contactpersoon. Afmelden dient uiterlijk plaats te vinden binnen de periode zoals die binnen de betreffende commissie is afgesproken, of voor of op de uiterste afmelddatum zoals expliciet vermeld in de uitnodiging.

  4. Bij wedstrijden, toernooien, evenementen, etc. zullen de deelnemers in beginsel vergezeld zijn van een of meerdere daarvoor door de commissie aangestelde begeleiders. De begeleiding is de eerst verantwoordelijke voor het gebeuren rond de wedstrijd en rapporteert eventuele onregelmatigheden aan de commissie. Deelname zonder vastgestelde begeleiders kan alleen plaatsvinden na verkregen toestemming van de commissie.

  5. Deelnemers zijn tijdens de wedstrijd gehouden te handelen volgens de aanwijzingen van de begeleiding.

 

17. VERVOER NAAR EN VAN WEDSTRIJDEN

  1. De vereniging is niet verantwoordelijk voor het organiseren van vervoer van en naar wedstrijden. Voor vervoer wordt derhalve een beroep gedaan op de ouders. Hierbij wordt er naar gestreefd om zoveel mogelijk met elkaar mee te rijden. Desgewenst kan de betreffende commissie hierbij bemiddelen.

  2. Van chauffeurs wordt verwacht dat deze een inzittendenverzekering hebben die in overeenstemming is met het aantal personen dat vervoerd wordt.

  3. De vereniging kan nimmer aansprakelijk gesteld wordt voor schade of letsel voortkomend uit het meerijden met derden van of naar wedstrijden.

​

18. AANSPRAKELIJKHEID VAN DE LEDEN

  1. Ieder der leden is aansprakelijk voor de door hem aan de eigendommen van de vereniging aangerichte schade. Elke geconstateerde schade wordt geacht veroor­zaakt te zijn door hem of hen die de betreffende zaak het laatst heeft of hebben gebruikt, indien en voor zover het tegendeel niet door de betrok­kene(n) wordt aange­toond.

  2. De vereniging kan niet aansprakelijk worden gesteld bij vermissing van persoonlijke eigendommen en/of bij persoonlijk letsel opgelopen in het zwembad. 

​

19. PRIVACY LEDENGEGEVENS

  1. Ten aanzien van de bescherming van de persoonsgegevens van leden zijn aanvullende regels vastgelegd in het privacyreglement. Het privacyreglement is van toepassing in samenhang met het huishoudelijk reglement en de statuten.

​

20. SPONSORING

  1. Het bestuur kan richtlijnen opstellen ten aanzien van sponsoractiviteiten.

​

21. KLEDINGPAKKET

  1. De vereniging stelt een standaard kledingtenue via haar website beschikbaar aan haar leden. De afdeling kan bepalen in welke situatie het wenselijk is wanneer het standaard kledingtenue gedragen wordt.

​

22. BEVORDERING VAN EEN VEILIG SPORTKLIMAAT

  1. De Houtrib wil leden plezier laten beleven aan de zwemsport in een veilige omgeving. Veiligheid heeft betrekking op het voorkomen van blessures, vermijden van andere gezondheidsrisico’s maar zeker ook in het bieden van een sociaal veilige omgeving.

  2. De Houtrib onderschrijft hiertoe de gedragsregels van de NOC*NSF  zoals opgenomen in het Reglement van de KNZB (www.knzb.nl/knzb/code-blauw) en verwacht dat alle begeleiders zich hieraan houden.

  3. Vrijwilligers die kinderen of andere kwetsbare groepen trainen of anderszins begeleiden dienen een verklaring omtrent gedrag (VOG) te overleggen. Ook nieuwe bestuursleden dienen een VOG te overleggen omtrent de aspecten die relevant zijn voor hun bestuursfunctie, zulks ter beoordeling van het dagelijks bestuur. Zonder overlegging van deze verklaring mag de betreffende rol of functie niet worden uitgeoefend.

  4. Met alle nieuwe vrijwilligers die kinderen gaan trainen of begeleiden wordt een kennismakingsgesprek gevoerd met een vertegenwoordiger van de betreffende commissie. Met nieuwe bestuursleden wordt een kennismakingsgesprek gevoerd met het bestuur. De gedragsregels zijn een belangrijk onderwerp in dit gesprek. Als daar aanleiding toe is kan dit gesprek gevolgd worden door een antecedentenonderzoek.

  5. De Houtrib benoemt een vertrouwenscontactpersoon. De rol van de vertrouwenscontactpersoon is in het geval van melding van ongewenst gedrag de getroffene te helpen bij het vinden van de juiste weg om het probleem kenbaar te maken en eventueel verdere actie te ondernemen.

  6. Getroffenen van ongewenst gedrag kunnen zich ook rechtstreeks in verbinding stellen met de vertrouwenspersoon van de KNZB of “veilig sporten” van NOC NSF (https://centrumveiligesport.nl/) .

​

23. ORDERLIJK GEDRAG

  1. Alle leden moeten daar, waar zij aanwezig zijn als lid, zich ordelijk gedragen.

  2. Leden die zich wanordelijk gedragen kunnen door bestuursleden, commissieleden, trainers of teammanagers van de betreffende afdeling het verblijf aldaar worden ontzegd. In de vergaderzaal kan dit door de voorzitter worden ontzegd.

​

24. WIJZIGING VAN HET HUISHOUDELIJK REGLEMENT

  1. Conform artikel 23 van de statuten kan het huishoudelijk reglement kan slechts gewijzigd worden door een besluit van de algemene ledenvergadering. 

  2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot wijziging van het huishoudelijk reglement hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan alle leden toegezonden.

  3. Wijzigingen van reglementen worden met twee-derde meerderheid van het aantal in de vergadering aanwezige stemmen vastgesteld.

​

25. SLOTBEPALINGEN

  1. Ieder lid en verenigingsorgaan heeft zich te houden aan de bepalingen van dit reglement.

  2. Na vaststelling van het reglement wordt zo spoedig moge­lijk de tekst bekend gemaakt aan de leden. 

  3. Dit huishoudelijk reglement en alle navolgende wijzigingen van dit regle­ment treden in werking na vaststelling door de algemene ledenvergadering.

​

Aldus vastgesteld in de algemene vergadering van de vereniging de dato 8 april 2026

 

Namens het bestuur van de vereniging.

De voorzitter:                

De secretaris:​

​

​

Bijlage:

​

OPLEIDINGSOVEREENKOMST TRAINER

 

De ondergetekenden:

  1. Zwem- en Poloclub De Houtrib te Lelystad, hierbij vertegenwoordigd door ……………………, voorzitter en penningmeester …………………, hierna te noemen “de ondergetekende sub 1” en

  2.   ………………….., lid van Zwem- en Poloclub De Houtrib, hierna te noemen “de ondergetekende sub 2”.

 

In aanmerking nemende dat:

    • ondergetekende sub 2 een opleiding …………………. wenst te volgen;
    • ondergetekende sub 1 de kosten van de hiervoor genoemde opleiding voor zijn rekening wenst te nemen;
    • ondergetekende sub 1 en sub 2 de voorwaarden waaronder de opleiding wordt vergoed schriftelijk wensen vast te leggen.

​

Verklaren te zijn overeengekomen als volgt:

  1. Ondergetekende sub 2 zal de cursus …………………….. volgen.

  2. Ondergetekende sub 1 zal de  kosten van de opleiding vergoeden na overlegging van de factuur van betreffende opleiding.

  3. Ondergetekende sub 2 zal minimaal 2 trainingen per week gedurende het seizoen geven aan een nader vast te stellen selectie leden.

  4. Ondergetekende sub 2 zal minimaal 8 wedstrijden per seizoen als begeleidend coach/trainer de leden begeleiden.

  5. Ondergetekende sub 2 zal zich, na het afronden van de opleiding, voor 36 maanden als trainer verbinden aan ondergetekende sub 2 als trainer.

  6. Ondergetekende sub 2 zal na het met goed gevolg volbrengen van de cursus, jaarlijks de benodigde applicaties volgen om de geldigheid van zijn/haar licentie te behouden.

  7. Indien ondergetekende sub 2 vroegtijdig de bindingstermijn wenst te verbreken, dan wel de bovenstaande verplichtingen niet nakomt, kan deze overeenkomst worden ontbonden.

  8. Bij ontbinding van de overeenkomst door ondergetekende sub 2 zullen de kosten die door ondergetekende 1 zijn gemaakt ten behoeve van het volgen van de opleiding, evenredig aan de verstreken tijdsperiode genoemd in artikel 5 van deze overeenkomst, worden teruggevorderd.

  9. Het volledige bedrag zal bij ondergetekende sub 2 worden teruggevorderd indien de opleiding door ondergetekende sub 2 niet met goed gevolg wordt volbracht.

​

Lelystad, ……………………. 

Ondergetekende sub 1

Ondergetekende sub 2
namens deze:

​

bottom of page